Het boek waarvan je wilde dat je ouders het hadden gelezen

Vorig weekend las ik thuis bij mijn ouders in de Standaard vluchtig iets over een boek: “Het boek waarvan je wilde dat je ouders het hadden gelezen” van Philippa Perry.
En even later kwam ik dat boek dan ook tegen in de boekhandel.
Het artikel had mijn nieuwsgierigheid gewekt en dus nam ik het mee.

Woord vooraf

Zoals het in het woord vooraf staat, is dit een boek over relaties met je kinderen. Over hoe je een relatie opbouwt, wat een goede relatie in de wegstaat en wat er net toe kan bijdragen.
Zelf heb ik veel bijgeleerd en wou ik inderdaad dat ik dit boek jaren geleden al had gelezen.

Wat hebben we meegekregen

Zelf heb ik altijd en nog steeds gedacht dat ik een heel fijne kindertijd heb gehad. Al voelde ik me soms wel de vreemde eend in de bijt op school.
Toch zijn er nu zaken die ik van vroeger herken, reacties van mijn mama op mijn broer bijvoorbeeld, die ik niet wil bij mijn eigen kinderen.
En ja, ik moet dringend iets doen aan mijn eigen schermgebruik want onze kinderen zouden wat meer mogen spelen ipv aan een scherm te plakken.

Waardevolle tip

Je eigen grenzen aangeven aan je kinderen door in de ‘ik’vorm te praten en dus je eigen gevoelens te verwoorden.
Zeggen dat je vindt dat de tv lang genoeg aan is geweest en dat jij vindt dat ze andere leuke dingen kunnen doen. Niet zomaar zeggen dat zij te veel en te lang tv kijken dus.

Af en toe kreeg ik de tranen in de ogen bij het lezen. Ik wil hier dus echt meteen mee aan de slag. Het werd me duidelijk dat ik nog veel beter naar mijn kinderen kan luisteren…

En uiteraard willen ze van alles vertellen op momenten dat het niet uitkomt, dat ze allang in bed hadden moeten liggen.

Zo flapte mijn jongste er op zo’n moment uit:”Mama, ik ben bang om fouten te maken in het leven”. 8 is ze… Die growthmindset, daar is nog werk aan.

Bedenking

Op een gegeven moment is er een passage over het oplossen van ‘conflicten’, ervaringen van jouw ouders en jezelf. Net om dit niet meer door te geven aan jouw kinderen.

Dit kwam ik eerder ook al tegen in het boek 'Je wordt wat je denkt' van Inge Rock. En dat kwam dus goed binnen.

Omgaan met je eigen emoties

Wanneer je je eigen gevoelens onbelangrijk vindt, kun je niet evenwichtig reageren op hoe je kind zich voelt. Je eigen emoties (h)erkennen is dus behoorlijk belangrijk. Gevoelens moeten gehoord worden.
Dit had ik al een beetje geleerd bij Joke Van Hoeck. Hoe een klein verschil in woorden een enorm verschil kan maken. In plaats van ‘Ik ben verdrietig’ zeggen ‘Ik voel me verdrietig’ of ‘Iets in mij voelt zicht verdrietig’.

En neen dat is niet makkelijk en vergt heel wat oefening (Ik ben er nog niet).

Zeer leerrijk vond ik ook dat als je respecteert wat een kind doormaakt en ze troost als ze dat nodig hebben, dat ze verdrietig mogen zijn, dan raken ze ermee vertrouwd en kunnen ze op de duur zichzelf ook troosten. Het is fijn als iemand met ons meeleeft en niet meteen probeert om ons op te beuren.

Een andere levensles: als je een ‘negatief’ gevoel probeert te blokkeren, sluit je ook ieder positief gevoel uit. Wij zijn één brok gevoelens (nog meer als baby) en we leren die best allemaal accepteren.

Grenzen stellen

Nog zoiets waar ik het zelf moeilijk mee heb. En ook eentje met raad die ik wil uitproberen: begrens jezelf en niet je kind. Stel grenzen vanuit jouw standpunt en niet door je kind te beschrijven.

Oefening baart kunst …

PS Zin om meer boeken te ontdekken die we in 2019 lazen? We houden een heus overzicht bij.

Voeg Reactie Toe